Leer Hilde beter kennen.

Een kijkje in haar wereld

Hilde Jager (22) uit Markelo begon op haar 4e met judo. Haar sport is echt haar passie geworden, ze droomt ervan om ooit op de Olympische Spelen te staan. 

Ik ben begonnen met judo …
“Toen ik vier jaar oud was. Mijn vader, die overigens gymleraar was, vond het een goed idee voor mij en mijn broers om 1 jaar judo te volgen voor onze ontwikkeling. Zodat we leerden vallen, leerden om lichaamscontact te maken met leeftijdsgenoten maar ook een beetje ter zelfverdediging. Het is niet bij een jaar gebleven want ik vond judo zo leuk dat het echt mijn passie is geworden.”

Mijn inspiratie haal ik uit …
“Andere sporters hier #OpPapendal. En ook wel oudere sporters die al veel hebben bereikt in hun sportcarrière, daar heb ik wel echt veel respect voor. Ik vind het bijvoorbeeld ook heel tof en inspirerend om verhalen van andere sporters te lezen in Helden Magazine. In het judo vind ik Kim Polling altijd al heel goed, daar kijk ik wel tegenop. Zij judoot alleen wel heel anders dan ik. Kim heeft super veel talent en gooit iedereen met verschillende worpen. Gekeken naar mijn eigen judo dan is Marhinde Verkerk op mentaal vlak een voorbeeld voor mij. Marhinde traint superhard en is fysiek heel sterk.”

 Ik vind het vervelend als …
“Mensen negatief over mij of de sport judo praten. Ik vind het onterecht dat mensen vaak negatieve dingen zeggen over anderen, zeker als het nergens op gebaseerd is. Sowieso vind ik negativiteit vervelend, ik sta zelf namelijk heel positief in het leven.”

Als ik me ongemotiveerd voel …
“Dan spreek ik mezelf even stevig toe want het heeft geen zin om ongemotiveerd een training in te gaan. Je kunt beter proberen de knop om te zetten, anders ga je ook geen goede training neerzetten. Je moet dan natuurlijk wel doorhebben dat je je ongemotiveerd voelt en als je dat herkent, dan kun je vaak wel proberen om je mindset te veranderen. Dat is natuurlijk lastig en lukt ook zeker niet altijd, maar ik probeer altijd wel het beste uit de training of de dag te halen. Daarbij houd ik altijd mijn doel in het achterhoofd.”

Lastig aan topsporter zijn vind ik …
“Dat je bijna geen tijd hebt om tegenslagen te verwerken. Je moet altijd door, blijven presteren. Ik heb wel moeten leren om daarmee om te gaan. Daarnaast vind ik de combinatie met mijn studie Gezondheid & Maatschappij op de Universiteit in Wageningen ook wel lastig. Ik wil graag goed presteren op beide vlakken maar dat is moeilijk als je veel weg bent en regelmatig vakken mist.”

 Wie ik het meeste mis …
“Is mijn vader. Op mijn 17e ben ik plotseling mijn vader verloren. Hij was ernstig ziek, maar in die tijd had ik niet door dat het levensbedreigend was. In totaal is hij drie maanden ziek geweest, dus het is allemaal heel snel gegaan. Ik was destijds 17, mijn broertje 14 en mijn oudere broer 19, dus het heeft wel enorme impact op ons gehad en nu soms nog steeds. Mijn vader was altijd heel trots op ons en op zijn gezin. Hij deelde mijn passie voor judo door altijd overal mee naartoe te gaan.”

Over 10 jaar ben ik …
“Misschien wel aan het einde van mijn judocarrière. Dan hoop ik wel op de Olympische Spelen te hebben gestaan, dat is ook waar ik nu elke dag keihard voor train. Ik wil dan kunnen terugkijken op een mooie sportcarrière, hoewel ik nu eigenlijk al heel trots ben op wat ik heb bereikt. Verder denk ik dat ik dan eindelijk ga beginnen aan het normale leven, haha!

Wat ik anderen wil meegeven is …
“Blijf positief, werk hard en heb vertrouwen in jezelf en in je kunnen, want dan is heel veel mogelijk.”

2020-10-19T11:39:57+00:0019 oktober 2020|