Een interview met rolstoelbasketballer Walter Vlaanderen.

Een kijkje in zijn wereld

Rolstoelbasketballer Walter Vlaanderen is 18 jaar en komt uit Houten. Sinds 2017 maakt hij deel uit van het talentenprogramma op Papendal. Zijn motto? Geniet van wat je doet!

Ik ben begonnen met rolstoelbasketbal toen…
“Ik 10 jaar was. Daarvoor heb ik nog rolstoeltennis gedaan maar dat was toch niet echt mijn sport. Dus ben ik overgestapt naar het rolstoelbasketbal, een sport die me eigenlijk altijd al aantrok. Er was wel een enorm leeftijdsverschil met mijn teamgenoten die toch al snel 25 jaar ouder waren, de oudste was zelfs 60 jaar. Ik heb op mijn vierde de ziekte van Perthes gekregen aan mijn rechterheup. Dit houdt in dat mijn heupkogel vroegtijdig versleten is door een botinfarct. De heupkogel zorgt er voor dat je met je been alle kanten op kunt bewegen en dat kan ik dus niet meer. Een jaar later, op mijn vijfde, is de ziekte ook aan de linkerkant opgetreden. Dus ik heb nu een dubbelzijdige Perthes. Ik kan wel kleine stukken lopen maar een boswandeling sla ik over. Dat gaat niet. Zo kwamen we er ook achter, ik ging met mijn opa en oma een kaboutertocht doen in het bos en als kind van 4 jaar oud hoor je toch rond te rennen en actief te zijn. Ik wilde absoluut niet lopen. Dus toen had men wel in de gaten dat er iets niet klopte. Via de huisarts zijn er foto’s gemaakt en zo kreeg ik de diagnose.”

Mijn sport brengt mij…
“Toch wel een uitlaatklep waardoor ik mijn energie kwijt kan. Ik vind de competitiviteit in het rolstoelbasketbal echt heerlijk. En het is heel fijn dat je als gehandicaptensporter toch gewoon je ding kunt doen. Als ik dan in mijn stoel ga zitten om te trainen, dan heb ik altijd weer zin om te basketballen. Natuurlijk heb je ook weleens een dag dat de wekker gaat en je niet zo’n zin hebt om op te staan en te gaan trainen. Maar als ik dan eenmaal op de training ben en een bal in mijn handen heb, dan vind ik het altijd leuk en ga ik er vol voor.”

Mijn mooiste overwinning is…
“Mijn allereerste jeugd EK in januari 2017 is mij wel enorm bijgebleven. We wonnen het toernooi niet, werden achtste, maar het was wel een persoonlijke overwinning. Eigenlijk is dat EK pas écht de start geweest van mijn topsportcarrière. Daarna mocht ik meetrainen met het nationaal herenteam, met hen mee naar enkele toernooien en in dat jaar ben ik ook hier op Papendal gestart. Ik vond het heel bijzonder om op 15-jarige leeftijd een uitnodiging te krijgen voor het nationaal team. In het begin denk je tussen alle volwassen mannen: ‘Wat heb ik hier te zoeken?’ maar inmiddels train ik toch alweer een paar jaar mee.”

Ik heb er een hekel aan…
“Dat telkens weer mijn sportstoel en wielen kapot gaan. Aan de wielen zitten hoepels, die met tapjes bevestigd zijn aan het wiel. Alleen deze tapjes breken bij mij steeds af. Dus dan moet ik keer op keer naar de lasser om de wielen te laten maken. Nu heeft iedereen dat weleens, maar bij mij breken ze wel erg vaak af. Volgens teamgenoten ben ik een beetje lomp haha, maar ik zeg dan altijd dat ik een snelle speler ben. Als er weinig ruimte is tussen twee spelers, dan probeer ik daar toch altijd op snelheid tussendoor te gaan, dan komen de stoelen vaak wel tegen elkaar en gaat er dus weleens iets kapot.”

 

Mijn ultieme vrije dag…
“Begint sowieso met uitslapen haha. En ik vind het dus heel erg leuk om lekker ouderwets een bordspelletje te doen. Als ik dan thuis ben en ik hoef niks meer voor school te doen, dan speel ik vaak een spelletje met mijn vader. Monopoly bijvoorbeeld, of Kolonisten van Catan. Dat vind ik echt leuk.”

Dierbaar voor mij is…
“De relatie met mijn broer. Die is vroeger namelijk niet altijd goed geweest. Mijn broer heeft autisme/MCDD en een licht verstandelijke handicap, wij konden niet altijd goed met elkaar overweg. De afgelopen jaren is die relatie wel enorm verbetert. Nu kunnen we op vakantie gewoon samen op één kamer. Dat ging jaren geleden echt niet, moesten we zelfs apart van elkaar eten. Ik vind het heel erg fijn dat dit nu een stuk beter gaat.”

Mijn favoriete vakantiebestemming is…
“Oef, dat is een moeilijke vraag. Wij gaan eigenlijk ieder jaar ergens anders naartoe op vakantie en houden bijvoorbeeld ook echt van city trips. Maar in 2011 ben ik met mijn ouders en broer drie weken naar Amerika geweest en dat vond ik wel de gaafste reis tot nu toe. We zaten in de omgeving van Florida dus zijn alle pretparken afgegaan haha.”

Over 10 jaar ben ik…
“Hopelijk van vaste waarde in het nationaal team. En dan hoop ik in 2024 met het team mee te mogen doen aan de Paralympische Spelen in Parijs. Daarnaast wil ik dan natuurlijk ook een diploma te hebben. Ik doe gespreid examen dus ik moet dit jaar nog een aantal vakken afronden voordat ik mijn havo-diploma heb, daarna wil ik de opleiding Sportkunde gaan doen.”

Wat ik anderen mee zou willen geven…
“Geniet gewoon van waar je mee bezig bent. Als je iets leuk vindt, dan moet je het gewoon doen. Ook al zeggen andere mensen dat je er bijvoorbeeld niet goed in bent. Als je het leuk vindt om te doen, doe het dan ook gewoon en geniet er ook van!”

2019-11-20T14:48:41+00:0021 oktober 2019|